Tienjarig Mark Bench werpt blik op ontwikkelingen ROM

Deze maand vieren Suzan Oudejans en Masha Spits dat hun bedrijf Mark Bench tien jaar bestaat. Mark Bench doet onderzoek en geeft trainingen en advies op het gebied van Routine Outcome Monitoring in de GGZ en verslavingszorg. In die hoedanigheid kruisen hun paden geregeld die van NETQ Healthcare en trekken we soms samen op. We blikken met hen terug op het ontstaan van Mark Bench en kijken vooruit naar wat 2021 het meten in de zorg mogelijk zal brengen.

Ze leerden elkaar kennen bij het Amsterdam Institute for Addiction Research: Suzan deed er promotieonderzoek en Masha werd haar stagiaire. Suzan’s promotor Gerard Schippers had ze bij elkaar gezet in de veronderstelling dat ‘die twee het wel met elkaar zouden kunnen vinden’. Hij beschikte over een goed inschattingsvermogen, zoals later zou blijken. Suzan’s proefschrift ging over het leren van uitkomsten in de verslavingszorg. Aan het project Outcome Bench deden verslavingszorginstellingen mee die zichzelf met elkaar wilden vergelijken. De instellingen verzamelden uitkomsten en Suzan en Masha ondersteunden ze daarin. Als pioniers gingen zij op tournee door het land om die uitkomsten aan de teams terug te koppelen. Langzaamaan groeide de interesse en drive bij de instellingen om meer met de uitkomsten te gaan doen. De twee waren al een tijd met hun activiteiten bezig toen een van hen met een aantal wetenschappelijke artikelen op de proppen kwam en zei: wat wij doen, dat heet ROM!

Start van een bedrijf
Het klikte dusdanig goed tussen methodoloog Suzan en sociaal psycholoog Masha dat zij later – inmiddels tien jaar geleden – samen Mark Bench oprichtten. Suzan vertelt: “We vullen elkaar goed aan: van nature ben ik heel precies, maar wat minder actiegericht. Masha is meer een aanpakker. Dus zij zorgt dat er dingen gebeuren en ik zorg dat ze iets netter gebeuren. Masha vult aan: “Suzan is van nature echt een onderzoeker die blij wordt van heel exact dingen opschrijven. Ik ben ook onderzoeker, maar ik ben van het praktische: ik vind het leuk als ik er gelijk een mooie presentatie of een rapportje bij kan maken. Die combinatie is heel prettig. We zijn enorm op elkaar ingespeeld.”

Intrinsieke motivatie
Ergens rond de oprichting van Mark Bench werd ROM verplicht gesteld voor GGZ-instellingen. Door die verplichting kwam het monitoren in een stroomversnelling terecht. Suzan: ‘Dat werd heel wisselend ontvangen destijds. Positief was in elk geval dat ROM als activiteit in het bewustzijn van alle betrokkenen kwam.” Masha: “Het heeft ervoor gezorgd dat therapeuten en organisaties in groten getale gestructureerd zijn gaan meten. Het feit dat het verplicht werd, was goed voor de implementatie. Nu de verplichting er af is vraag ik mij af hoeveel data er nog verzameld zal worden. Maar ik denk dat instellingen die er mee doorgaan, dat wel vanuit een intrinsieke motivatie doen. Dat is dus een positiever gedreven manier om naar uitkomsten te kijken en er iets mee te doen.”

Van generiek naar specifiek
Nu instellingen vrij zijn in het bepalen van hun ROM-beleid, is er een verschuiving gaande van inzet van generieke vragenlijsten naar instelling-specifieke vragenlijsten. Suzan legt uit: “Veel organisaties konden weinig met de generieke lijsten. Nu hebben ze de mogelijkheid om meer te experimenteren. De consequentie is natuurlijk wel dat het vergelijken met andere organisaties of afdelingen moeilijker wordt. Daarvoor heb je immers uniformiteit nodig. Maar door die vrijheid duikt men dieper in de inhoud en wordt ROM ook meer afgestemd op de cliënt.” Masha voegt toe: “Daarnaast komt er mogelijk ook meer aandacht voor elementen van positieve gezondheid en herstel in plaats van een focus op klachten. Dat zie je nu overal in GGZ en verslavingszorg. Dus ja, instellingen gaan inderdaad specifieker meten, maar tegelijkertijd ook weer wat generieker waar het gaat om welzijn. Daar zullen we vast verdere ontwikkelingen in gaan zien in de komende jaren.”

Spotification tijdperk
Een andere veelbesproken ontwikkeling is de intrede van machine learning in de GGZ. Verschillende toepassingen zijn mogelijk: zo is het bijvoorbeeld denkbaar dat computers op basis van bepaalde cliëntgegevens behandelmethodes gaan voorstellen. Suzan: “Ik vind het best spannend. Als uit een database met cliënten blijkt dat cognitieve gedragstherapie niet goed aanslaat bij minder talige mensen, dan ga je dat mogelijk ook niet meer aanbieden. Dat ligt niet zo zeer aan machine learning zelf, als wel aan hoe je er mee om gaat. Daardoor krijgen die mensen misschien een minder goede behandeling dan mogelijk was geweest. Ik denk dat de vergelijking met Spotify wel opgaat. Ik krijg daar meer van hetzelfde aangeboden, omdat het algoritme voor mij bedenkt wat ik leuk zou kunnen vinden. Dat daagt mij eigenlijk niet meer uit, dus ik ga qua muzieksmaak steeds meer op de mensen lijken die een aantal kenmerken met mij gemeen hebben. Nou, dat vind ik bij Spotify al heel erg jammer, dus kun je nagaan… Met machine learning vergroot je verschillen die er al zijn. Dat lijkt me een heel belangrijk aspect van machine learning en iets om beducht op te zijn. Het biedt vast kansen, maar het menselijk oordeel moet ook blijven.”

Behandelen via beeldbellen
Het jaar 2020 zal wereldwijd de geschiedenis in gaan als het jaar van corona, maar ook in 2021 zijn we er nog niet van af. Net als in zoveel sectoren heeft het virus ook in de GGZ voor een flinke aardverschuiving gezorgd. Masha: “Wat massaal is aangepakt in het afgelopen jaar is het behandelen via videobellen. In alle soorten en maten is eHealth versneld en over het algemeen met succes ingezet. Dat zal het komende jaar worden voortgezet.”

Onlangs voerde Suzan een kort literatuuronderzoek uit naar wat er geschreven is over vragenlijsten afnemen via beeldbellen. Ze vertelt: “Het was vrij beperkt wat ik kon vinden. Maar in de literatuur heerst wel het idee dat je via videobellen misschien wel net zo goed psychische klachten kan vaststellen als op andere manieren. Waar instellingen echter nog steeds mee worstelen zijn de technische aspecten.” Masha legt uit: “Dat mensen een computer met internetverbinding hebben en dat de software goed werkt, zijn dé randvoorwaarden. Nu weten we na een jaar Zoomen en Teams dat het nog steeds niet vlekkeloos gaat. Ik denk dat we door die voorwaarden grote zwarte vlekken in bepaalde doelgroepen creëren. Suzan: “Ook cognitief kan het moeilijk zijn. Als ik merk hoe moe ik zelf ben na een paar online meetings, dan kan ik me voorstellen dat het voor cliënten soms niet te doen is. Bovendien zie je maar een deel van iemand, een aantal non-verbale aspecten mis je wel. Toch is het geweldig om te zien hoe creatief therapeuten zijn en dat zij het onvoorstelbare – dat in normale tijden nooit door de medisch-ethische commissie was gekomen – nu toch gewoon dóen.”

Tools voor de behandelaar
Een van de inhoudelijke aandachtspunten binnen NETQ Healthcare is momenteel de cliëntrapportage. In een aparte werkgroep leggen we ons samen met een aantal instellingen toe op het verbeteren van de rapportages van veelgebruikte meetinstrumenten. Masha adviseert: “Ik denk dat je dit vooral met behandelaren en cliënten zélf moet oppakken. Wat wij hebben gemerkt in de afgelopen jaren is dat het voor behandelaren prettig is om tools te krijgen voor het vertalen en terugkoppelen van resultaten. Het lezen van grafieken, normen en scores is voor hen niet automatisch wat ze het liefste doen. Suzan: “Wat betreft de cliënt denk ik dat je termen moet gebruiken die dichtbij iemand liggen. Dat betekent bijvoorbeeld dat je het niet moet hebben over schalen die ‘hostiliteit’ meten, maar bijvoorbeeld ‘irritatie’. Ook moet je het kort houden en visueel maken. Je moet de cliënt een A4 mee kunnen geven met plaatjes, een toelichting en een verwijzing naar meer informatie. Maar inderdaad moet je vooral ook de behandelaar goed uitrusten, zodat die zich at ease voelt met die kwantitatieve gegevens.”

Woord van dank
Wie inhoudelijke ondersteuning of advies nodig heeft bij de inzet van ROM kan bij Mark Bench terecht. Masha: “Een van de belangrijkste dingen die wij doen, is het helpen inzichtelijk maken van uitkomsten voor iedereen. Dat is ook hetgeen wij binnen ROM het mooist vinden, omdat ROM dan daadwerkelijk iets oplevert voor behandelaar en cliënt. Daar draait het om.” Op de vraag of ze tot slot nog iets kwijt willen, besluit Suzan: “We willen onze klanten en samenwerkingspartners heel erg bedanken voor deze tien jaar, zonder hen hadden we deze mijlpaal niet kunnen bereiken.”

 

Mark Bench is het bureau voor onderzoek, advies en training op het gebied van uitkomst en resultaat in de psychosociale zorg. Oprichters Suzan Oudejans en Masha Spits zijn tevens auteurs van het boek ‘Snel succes met ROM’. Als ontwikkelaar van ROM-software kent NETQ Healthcare Mark Bench al jaren als inhoudelijk partner. Wij feliciteren Suzan en Masha van harte met het tienjarig bestaan en hopen nog veel kennis met elkaar te mogen delen.