“Voorkomen is beter dan genezen”

Zijn preventieve depressie cursussen eigenlijk wel effectief? En waarom volgen mensen die juist een verhoogd risico op depressie hebben deze cursussen meestal niet? Deze vragen staan centraal in het proefschrift van Kim van Zoonen waarbij zij gebruik gemaakt heeft van NETQ enquête software. “Voorkomen is beter dan genezen”.

In juni dit jaar promoveert Kim van Zoonen met haar onderzoek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam met haar proefschrift An Ounce of Prevention is worth a Pound of Cure – Help-seeking and the onset of depression in people with subclinical depression.

coverPS Kim van Zoonen

Waar gaat het onderzoek over?

“Depressie is een veel voorkomende mentale stoornis met grote maatschappelijke, individuele, en economische gevolgen. Gezien de hoge kosten, zowel materieel als immaterieel, die depressie met zich meebrengt voor de persoon en de maatschappij is het voorkomen van depressie bijzonder belangrijk. In het proefschrift An Ounce of Prevention is worth a Pound of Cure is gekeken of depressieve stoornissen kunnen worden voorkomen door preventief een behandeling aan te bieden aan mensen die al depressieve symptomen ervaren (subklinische depressie).

 

Omdat weinig mensen deelnemen aan dergelijke preventieve behandelingen is er daarnaast onderzocht welke mensen hulp zoeken voor hun klachten. De woorden in de titel zijn gesproken door Benjamin Franklin en zijn tegenwoordig beter bekend als; “voorkomen is beter dan genezen”. Instinctief zijn mensen vaak geneigd te zeggen dat dit zonder meer waar is. Maar preventie is ook paradoxaal, want je grijpt in op het moment dat een aandoening zich nog niet ontwikkeld heeft en je ook niet zeker weet of die zich zal ontwikkelen.”

Uitkomst onderzoek

“De resultaten van het onderzoek laten zien dat preventief behandelen van depressie effectief is. De kans op nieuwe gevallen van depressie kunnen door preventie met 21% verlaagd worden. Door twintig mensen te behandelen kun je de ontwikkeling van één nieuwe depressieve stoornis voorkomen.

Uit de literatuur blijkt echter dat niet veel mensen deelnemen aan preventieve behandelingen. Uit mijn onderzoek blijkt dat vooral mensen die ouder zijn en minder hoge scores op neuroticisme rapporteren geen hulp zoeken. Vaak vinden deze mensen de klachten niet ernstig genoeg, of zijn zij van mening het probleem zelf op te kunnen lossen, en/of ervaren zij genoeg steun aan familie/vrienden.

Een aanzienlijk deel van de respondenten geeft aan dat zij wel een hulpvraag hadden, maar dat die onbeantwoord is gebleven. Zij gaven aan niet te weten waar ze deze hulp zouden kunnen vinden. Daarnaast komt de eigen inschatting van hoe mensen symptomen inschatten niet altijd overeen met de scores die zij behalen op een klachtenvragenlijst. In 21% van de gevallen herkenden mensen angst- en/of depressiesymptomen niet als zodanig. Dit werd beïnvloedt door de hoge mate waarin men stigma ervoer.”

Kim klein

Tot slot: aanbevelingen

“Er is de afgelopen jaren veel bezuinigd in de zorg en op preventie. Mijn onderzoek laat echter zien dat preventie een belangrijke bijdrage kan leveren aan het verlagen van de ziektelast van depressie. Het is belangrijk om mensen bewust te maken van depressie, de gevolgen en de mogelijkheden die preventieve cursussen bieden. Ook is het belangrijk dat zorgverleners, zoals huisartsen, zich bewust zijn van de mogelijkheden om preventieve zorg in te zetten zodat er beter doorverwezen kan worden. Dit zou gedaan kunnen worden middels overheidscampagnes en lokale campagnes van gemeenten, GGD-en, GGZ-instellingen of bijvoorbeeld huisartsen.

Wij wensen Kim heel veel succes toe met haar promotie begin juni.

Op de foto: promovenda Kim van Zoonen. Afbeelding voorkant proefschrift: Oksana Alekseeva/shutterstock.com

Ook benieuwd hoe u onze enquêtetool tool kan inzetten voor uw onderzoek? Lees waarom onderzoekers gebruik maken van de NETQ tool voor wetenschappelijk onderzoek op de website van NETQ Survey.